Hoe Zenk One je thuis laat voelen in zijn experiment

Interview |

Robin Nas, alias Zenk One, voelt zich thuis. Thuis in zijn stad, thuis in de stijl die hij ontwikkeld heeft, en thuis in hoe hij die toepast op steeds weer nieuwe vormen. “Ruimtelijker werken zorgt weer voor nieuwe ideeën en mogelijkheden die je in de twee dimensies van een illustratie niet altijd hebt.”

Op tafel ligt een houten puzzel waar volop notities op geschreven zijn. De stukken hout zijn gezaagd in vormen die aan het typische lijnenspel van Robin Nas, alias Zenk One, doen denken. Ernaast ligt een stuk hout met verfstalen, een kleurenpalet dat eveneens bekend is uit zijn illustratiewerk van de afgelopen jaren. Zijn partner Anne komt de trap af gewandeld met een tacker in haar hand, ze was zojuist nog bezig om in het datzelfde palet enkele objecten te stofferen. Hun smaakvol ingerichte woning in Breda is namelijk niet alleen de plek waar zij en hun twee kinderen leven (3 en 5 jaar oud), maar ook de werkplaats waar het volgende hoofdstuk in de creatieve evolutie van Zenk One geboren wordt.

Een wereld om in te duiken
De eerste stappen in die evolutie begonnen zo’n 25 jaar geleden, toen Nas nog in de nachtelijke uren met een verfspuitbus langs het spoor sloop. “Vol adrenaline”, herinnert hij zich. “Ik heb er heel veel mensen door leren kennen en vriendschappen aan overgehouden. Het is echt een wereld om in te duiken. En daar ben ik ook lange tijd niet uit gekomen.” Nog steeds zoekt hij een paar keer per jaar vrienden uit die tijd op om ergens een piece te spuiten. Maar de bewijsdrang die graffiti schrijven met zich meebrengt, heeft hij lang geleden al losgelaten. “Nu is het puur ontspanning geworden. Het maakt dan ook niet uit of het een meester piece is.”

Ook de hyperrealistische stijl waarmee hij destijds veel lof oogstte, liet hij los. “Op den duur zag ik daar niet zoveel uitdaging meer in”, blikt de maker ervan terug. “Tussendoor illustreerde ik ook veel, en ik merkte dat het werk van anderen dat ik echt inspirerend vond, veel grafischer was. Dat sprak me erg aan.” Het triggerde hem nog meer om uit zijn comfort zone te gaan, om op een andere manier te gaan illustreren. 

Creatieve evolutie
Die beslissing ging niet over één nacht ijs. In een creatief proces dat uiteindelijk jaren omspande, kwamen er steeds meer grafische elementen in zijn werk. De creatieve evolutie die hij doormaakte, is opvallend goed zichtbaar in de diverse projecten die hij gedurende die tijd in samenwerking met Blind Walls Gallery volbracht. “Als je je brood verdient met een bepaalde vorm of stijl, is het lastig daar vanaf te stappen”, weet Nas. “Ik had het geluk met deze partij samen te werken die het aandurfde om daarin mee te gaan.”

Zo schilderde hij 2016 in de Picenistraat in Breda nog een realistische leeuwenkop, getooid in een stilistisch gesimplificeerde kantkraag. Die bestaat uit een vlakke kleur, net als de Spaanse soldaten in zijn ode aan Godevaert Montens, burgemeester van Breda tijdens de Tachtigjarige Oorlog.

Twee jaar later schilderde hij in de Meidoornstraat een ode aan Ramon Dekkers, de Muay Thai-wereldkampioen bijgenaamd ‘The Diamond’ die in 2013 onverwacht overleed. In de uitbundige compositie staat een strak uitgevoerde diamant centraal, en is een fragment van Dekkers zijn gezicht het enige realistische element.

In de panelen die hij voor het project ‘Kerk Binnenstebuiten’ schilderde, zijn fotorealistische elementen volledig achterwege gelaten. Nas was in 2020 één van de kunstenaars die zich lieten inspireren door het interieur van de Grote Kerk in Breda, om tijdens de restauratie ervan de bouwschutting eromheen te verfraaien. Hij werkte exclusief in de warme, aardse tinten en het diepe blauw dat inmiddels in talloze van zijn illustraties en schilderingen te vinden is. Net als de weloverwogen lijnen, allemaal in gelijke dikte en met een bijzonder gevoel voor balans aangebracht.

De kracht van eenvoud
In zijn studio hangt tegenwoordig een briefje. ‘Kracht van eenvoud, in vorm en kleur’ staat erop, een herinnering aan een persoonlijke doelstelling. “Probeer jezelf uit te dagen met minimale middelen om zoveel mogelijk te bereiken. Dat lukt niet altijd in ieder werk, maar is wel het uitgangspunt”, legt de kunstenaar uit. Wanneer het hem lukt in een paar lijnen een sterk beeld neer te zetten, voelt zoiets namelijk vele malen persoonlijker en plezieriger dan de realiteit in verf proberen te benaderen. 

In de vormentaal die hij daarmee ontwikkelde, blijken zelfs gezichten niet langer noodzakelijk. “Er is geen moment geweest dat ik overwogen heb ze wel te tekenen”, constateert hij met enige verbazing. Nas raapt zijn gedachten even bij elkaar en gaat verder. “Daar zit verder geen specifiek idee achter, het is zo ontstaan. Ik bekijk het altijd zo abstract mogelijk—ogen, een mond, dat soort details passen er niet meer in. En het is uiteindelijk helemaal niet nodig voor een beeld. Een lichaamshouding zegt ook al heel veel. Het klopte gewoon.”

Dat laatste lijkt de crux van veel van zijn composities te zijn. Er zit een opmerkelijk evenwicht in hoe de lijn van het ene figuur door kan lopen in een ander, of juist een echo of een spiegeling daarvan kan zijn. “Dat lijnenspel wil ik heel graag kloppend hebben”, zegt Nas. “Het is een zoektocht naar hoe dingen in elkaar passen. Hoe kan de lijn van een mouw aansluiten op de lijn van een nek van een andere figuur? Dat soort dingen.”

Ruimtelijk werken
Dat hij een beeldtaal ontwikkelde waarin alles klopt, betekent niet dat het proces daarnaartoe afgerond is. Momenteel is Robin Nas, samen met partner Anne, druk bezig om te kijken hoe ver hij deze kan pushen. Binnen een illustratie bepaalt hij immers zelf alle grenzen, maar werken in andere vormen en materialen biedt nieuwe uitdagingen die steeds weer eigen oplossingen nodig hebben. “Ruimtelijker werken zorgt weer voor nieuwe ideeën en mogelijkheden die je in de twee dimensies van een illustratie niet altijd hebt”, vertelt hij. 

De eerdergenoemde stukken hout die tegen elkaar aan liggen op tafel, zijn een goed voorbeeld van hoe de praktijk de Zenk One beeldtaal beïnvloedt, en andersom. “Ik kan hier niet heel veel golfbewegingen en vloeiende lijnen in maken omdat het bekleed moet worden, dan zou je kreukels in de stof krijgen”, legt Nas uit. “Je bent dus gedwongen heel recht te werken. Maar daarmee wil je wel wat vertellen, een beeld neerzetten dat iets voorstelt.”

Het is verre van het enige moment waarop de praktijk een andere manier van werken afdwingt. “Met de plaids/wandkleden werd je gedwongen met twee kleuren te werken, iets waar je uiteindelijk heel enthousiast over werd”, weet Anne. “Ja, ook omdat het geweven wordt, dat levert een extra laag in je beeldtaal”, antwoordt Robin. “Mijn lijnen zijn vaak heel strak en vloeiend, maar nu wordt het toch een soort pixel-achtige versie daarvan.”

Thuiskomen
Anne, die jaren als grafisch ontwerper heeft gewerkt, is nauw betrokken bij deze praktische kant van het proces.. Ze is al jarenlang de vaste sparringpartner in de onderzoeksfase van de projecten die Zenk One uitvoert, maar is nu ook een uitvoerende partij. “De stijl is heel erg Robin, alleen kijken we samen hoe we die uit kunnen breiden”, vertelt zij. Die uitbreiding wordt bovendien gevoed door het thuis dat zij samen opbouwden; het is de primaire inspiratiebron achter de expositie. 

“We zijn gewoon veel bezig met ons huis en houden ervan zelf van alles te creëren, zelf dingen bouwen en maken”, zo vertelt Robin over zowel hun woning als de inrichting ervan. “Kringloopwinkels, rommelmarkten, of gewoon op straat—we zoeken altijd al graag naar bijzondere dingen om nieuw leven in te blazen.” Anne vult aan: “Eigenlijk vinden we het bizar dat er zoveel weggegooid wordt, terwijl er nog zoveel schoonheid in zit. Met een beetje creativiteit kun je daar iets heel tofs van maken.”

“We voegen in deze expositie daar een extra laag aan toe, door er de Zenk One-stijl op toe te passen. En ook hetgeen dat afgebeeld wordt, is visueel weer geïnspireerd door objecten, vormen en patronen uit hun interieur. We willen de nieuwe objecten/werken zo op een bepaalde manier thuis laten komen, een nieuw honk geven”, besluit de kunstenaar. “En het speelveld van hoe we dat doen, willen we zo breed mogelijk houden.” 

Expositie bezoeken
Elke donderdag ben je van 13:00 – 17:00 welkom tijdens ‘Walk-in Thursday’, zodat je de werken zonder afspraak kunt komen bekijken. Liever op een ander moment langskomen? Maak dan een afspraak via de website.

Dit interview is geschreven door cultuurjournalist Jaap van der Doelen en de foto’s zijn gemaakt door Rosa Meininger.

Terug naar nieuws